Een goede oude dag voor uw kat

2021-03-03T13:32:58+01:00

“In Nederland worden katten, net als mensen, steeds ouder”

We geven ze beter te eten, ze kunnen lekker warm in een mandje bij de kachel liggen en ziektes worden sneller en beter behandeld. Kortom, onze geliefde huiskat heeft, uitzonderingen daargelaten, een goed leven.

Er komt een moment dat u uw kat een senior kunt noemen. Maar wanneer is een kat een senior? Over het algemeen wordt de volgende indeling van leeftijdsfasen bij de kat gebruikt:

  • 0 – 6 maanden – kitten
  • 7 – 24 maanden – puber
  • 3 – 6 jaar – volwassen
  • 7 – 10 jaar – middelbaar
  • 11 – 15 jaar – senior
  • ouder dan 15 jaar – geriatrisch

Ouderdom komt met gebreken, ook bij katten. Een ouder wordende kat kan  gedragsproblemen, ziektes en kwalen krijgen.

Uw kat kan bijvoorbeeld last krijgen van zijn nieren, schildklier of artrose. Deze ziektes kunnen trouwens ook op jongere leeftijd ontstaan. Gedragsveranderingen, zoals naast de bak gaan plassen, agressie en meer gaan mauwen kunnen een medische oorzaak hebben. Het kan zijn dat vanwege zijn leeftijd hij zijn kattenbak niet goed meer kan vinden, pijn heeft of in de nacht niet meer goed kan zien. Wanneer er gedragsveranderingen zijn overleg dit dan met uw dierenarts of gedragstherapeut.

Gelukkig kunt u met de nodige aanpassingen in huis en een regelmatige check bij uw dierenarts het leven van uw seniorkat een stuk aangenamer maken.

Tips om het leven van je kat aangenamer te maken:

  • Seniorencheck voor uw kat  Ziet uw veranderend gedrag bij uw kat, ga dan naar de dierenarts. Dit laatste geldt eigenlijk voor alle leeftijden. Vanaf de leeftijd van 10 jaar kunnen katten (beginnende) ouderdomskwalen krijgen. Het is verstandig om minimaal 1x per jaar naar de dierenarts te gaan voor een uitgebreide seniorencheck. De dierenarts kan dan controleren of uw kat pijn heeft, zijn bloeddruk meten en controleren of zijn organen nog goed werken. Hiermee kan tijdig ingegrepen worden mochten er ziektes, pijn en/of ongemak ontstaan. 

  • Pas uw huis aan De meeste katten krijgen vroeg of laat last van artrose. Hun gewrichten hebben vaak te lijden gehad van al het springen op en van dingen. Plaats bronnen zoals eten en drinken, slaap- en krabplekken en de kattenbakken op makkelijk bereikbare plekken. Zorg daarnaast voor meerdere zachte en warme plekken. Het liefst verdeeld over de meerdere ruimtes waar uw kat komt. Zijn er favoriete plekken die wat hoger zijn? Maak dan opstapjes zodat hij stapsgewijs naar dat plekje kan komen.

  • Blijf vooral spelen Veel katten op hoge leeftijd hebben nog behoefte aan spel. Wanneer uw kat vergevorderde artrose heeft zal hij waarschijnlijk niet meer spelen. Behandeling van de artrose kunnen uw kat weer laten spelen. Pas uw spel aan door hem meer te laten sluipen naar het speeltje. U kunt beter wat vaker en korter spelen dan een keer per dag een half uur. Daarnaast kunt u hem (trappel- en/of geur)speeltjes geven waardoor hij zelf het tempo kan bepalen waarin hij wil spelen.

Ik ben aangesloten bij:

Drinkt mijn kat wel genoeg

2021-03-03T13:31:52+01:00

“Ik hoor het regelmatig van mensen, mijn kat drinkt zo slecht. Maar is dat ook zo?”

Een kat heeft ongeveer 50 ml vocht per kilo kat per dag nodig. Dat betekent voor een kat van 4-5 kilogram dat deze ongeveer 200-250 ml vocht per dag nodig heeft. Wanneer je je kat observeert en tijdelijk afgepast water aanbiedt dan zie je hoeveel je kat drinkt. 

Katten halen hun vocht niet alleen uit drinkbakjes maar ook uit natvoer of uit het eten van prooien. Maar als je kat niet buiten komt dan zal hij geen prooi eten en er zijn ook katten die alleen brokken te eten krijgen.

Waarom is voldoende drinken belangrijk voor katten? Net als mensen moeten katten voldoende vocht binnen krijgen om bijvoorbeeld uitdroging te voorkomen. Maar ook om ervoor te zorgen dat afvalstoffen goed afgevoerd kunnen worden. Voldoende vocht ontlast de nieren en de blaas. Meer drinken helpt om de urine minder geconcentreerd te houden en de kans op blaasproblemen kleiner te maken. En de nieren kunnen met voldoende vocht de afvalstoffen beter afvoeren. Dus voldoende drinken is belangrijk!

Tips om je kat meer te laten drinken:

  • Verblijft je kat (voornamelijk) binnen? Biedt dan regenwater aan en zorg er voor dat dit water geen chemicaliën e.d. kan bevatten.

  • Komt je kat wel buiten? Creëer dan een veilige plek in je tuin waar hij kan drinken, dit kan gewoon een stenen plantenschotel of een emmer zijn.

  • Krijgt je kat nu alleen maar brokken? Overweeg dan om twee maal per dag wat natvoer te geven, hier zit veel vocht in en bevat ook minder calorieën.

  • Drinkt je kat te weinig uit de drinkgelegenheden die je aanbiedt? Voeg dan wat water toe aan het natvoer. Of geef hem af en toe ook kattenmelk. 

  • Geef je je kat alleen uit plastic bakjes water? Probeer dan eens om ook water te geven uit een bak van keramiek of glas. Zoals een drinkglas zijn of een soepbord.

  • Er zijn katten die graag uit een waterfontein drinken, maar er zijn ook katten die dit niet prettig vinden. Je kunt het uitproberen met een fonteintje, met daarnaast ook nog andere type drinkgelegenheden. Dan zie je welke voorkeur je kat heeft.

  • Plaats meerdere drinkgelegenheden op verschillende plekken in huis zodat je kat kan kiezen, zeker bij meerkatshuishoudens is dit belangrijk.

  • Plaats de drinkgelegenheden op minimaal 2 meter afstand van het eten en ook op minimaal 2 meter van de kattenbak.

  • Ververs de drinkgelegenheden dagelijks.

  • Maak de bakjes het liefst schoon zonder schoonmaakmiddelen. Dit om te voorkomen dat je kat nog wat schoonmaakmiddel ruikt en daardoor niet meer uit die bak drinkt.

  • Probeer eens een vissenkom met daarin een (liefst bewegend) speeltje of doe er in de zomer wat  ijsblokjes bij. Dit kan je kat motiveren om met het water te gaan spelen, vervolgens zijn pootje aflikt en ontdekt dat hij daar ook uit kan drinken.

Ik ben aangesloten bij:

Ga naar de bovenkant